💡 Direct antwoord
De NS verhoogt vanaf 1 januari 2026 de prijzen van treinkaartjes en de meeste abonnementen met gemiddeld 6,52 procent. Voor een trajectabonnement tweede klas van 200 euro per maand komt dat neer op circa 156 euro extra per jaar. Tegelijk stijgt de onbelaste kilometervergoeding naar 0,25 euro per km, waardoor de auto voor lange-afstandsforensen relatief aantrekkelijker wordt. Overweeg het Dal Voordeel-abonnement, PrijsTijd Deals of de carpoolrekensom: de break-even ligt voor de meesten tussen 25 en 35 km enkele reis.
In het kort
- Wat verandert er? NS-treinkaartjes en de meeste abonnementen worden gemiddeld 6,52 procent duurder. Eerste klas stijgt doordeweeks meer dan tweede klas.
- Vanaf wanneer? Per 1 januari 2026, met enkele wijzigingen die later in het jaar volgen, zoals het verdwijnen van Weekend Voordeel en Altijd Voordeel.
- Waarom? Een combinatie van verwachte inflatie 2026 (2,3 procent), inhalen achterstallige inflatie (1,17 procent) en uitgestelde tariefverhogingen (3,05 procent).
- Wat verdwijnt? De abonnementen Weekend Voordeel en Altijd Voordeel stoppen per 1 februari 2026. Bestaande klanten kunnen tot 1 juli blijven reizen.
- Wat blijft gelijk? Kids Vrij blijft gratis, Railrunner blijft 2,50 euro, en het Dal Voordeel-abonnement voor jongeren van 12 tot en met 17 jaar blijft kosteloos.
- Andere wijzigingen? Vergeten check-out gaat van 20 naar 33,30 euro, OV-fiets van 4,65 naar 4,80 euro per dag.
Wat betekent 6,52 procent concreet voor jouw forensbudget?
De gemiddelde stijging van 6,52 procent klinkt abstract, maar wordt snel tastbaar als je het doorrekent op je eigen reispatroon. Een treinkaartje van Utrecht naar Amsterdam kostte in 2025 ongeveer 9,30 euro tweede klas enkele reis. In 2026 is dat circa 9,90 euro. Voor een dagelijkse forens met vijf retourtjes per week tikt dat aan: ongeveer 30 euro extra per maand, oftewel 360 euro per jaar netto. Voor een Trajectvrij-abonnement op een vergelijkbaar traject van rond 280 euro per maand komt de stijging neer op zo'n 18 euro per maand, ofwel 220 euro per jaar.
Berekening op basis van de gemiddelde tariefverhoging van 6,52 procent. Het exacte percentage kan per traject en abonnementstype iets afwijken. NS informeert reizigers persoonlijk over de nieuwe prijs van hun specifieke reis of abonnement.
Hoe is die 6,52 procent opgebouwd?
De stijging is geen losse keuze van NS, maar valt uiteen in drie componenten die volgen uit de concessieafspraken met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Dat is belangrijk om te begrijpen, want het verklaart waarom de prijs in 2026 meer stijgt dan de actuele inflatie en waarom verdere verhogingen tot 2030 in de pipeline zitten.
| Component | Percentage | Toelichting |
|---|---|---|
| Verwachte inflatie 2026 | 2,30 % | Standaard jaarlijkse aanpassing op basis van de CBS-prognose |
| Uitgestelde tariefverhoging | 3,05 % | Verhoging die in eerdere jaren niet kon worden doorgevoerd zonder rijksbijdrage |
| Achterstallige inflatie (deel 1 van 4) | 1,17 % | Inhalen van eerdere inflatie, gespreid over vier jaar (totaal 3,5 procent) |
| Totaal stijging 1 januari 2026 | 6,52 % | Gemiddelde stijging treinkaartjes en meeste abonnementen |
Het deel van 3,5 procent dat over vier jaar wordt uitgesmeerd, betekent dat ook in 2027, 2028 en 2029 nog jaarlijks ongeveer 1 procent extra op het reguliere inflatiepercentage komt. Wie nu een meerjarenplanning maakt voor het reisbudget van een huishouden, doet er verstandig aan met die jaarlijkse extra stijging rekening te houden.
De abonnementen die verdwijnen of veranderen
Naast de prijsstijging zelf snoeit NS in het abonnementenaanbod. De redenering: het huidige aanbod is volgens onderzoek door reizigers zelf als "te uitgebreid en verwarrend" ervaren. Voor het merendeel van de huidige abonnementhouders blijkt een ander abonnement, meestal Dal Voordeel, voordeliger uit te pakken. NS adviseert reizigers persoonlijk over het juiste alternatief.
Weekend Voordeel en Altijd Voordeel stoppen
Per 1 februari 2026 kan niemand deze abonnementen meer aanschaffen. Bestaande houders kunnen er tot 1 juli 2026 mee blijven reizen, daarna vervalt het. Wie regelmatig in het weekend reist, kan kijken naar Dal Voordeel: dat geeft 40 procent korting in de daluren en het hele weekend, voor 6,35 euro per maand. Wie alleen incidenteel reist, kan beter kijken naar PrijsTijd Deals of het Dal Vrij-abonnement.
Eerste klas wordt doordeweeks fors duurder
Het prijsverschil tussen eerste en tweede klas wordt op werkdagen bewust groter. NS wil daarmee de capaciteit beter benutten en de eerste klas in de spits exclusiever houden. In het weekend gaat het juist andersom: het verschil krimpt, om lege plekken in de eerste klas op te vullen tegen een gunstige meerprijs. Voor weekendreizigers wordt eerste klas dus relatief aantrekkelijker dan voorheen.
OV-fiets en boete vergeten check-out omhoog
De OV-fiets wordt 15 cent duurder per dag, van 4,65 naar 4,80 euro. Op zichzelf bescheiden, maar voor wie dagelijks van het station naar kantoor fietst loopt dat op tot circa 30 euro extra per jaar. Veel ingrijpender: de standaardafschrijving voor een vergeten check-out gaat van 20 naar 33,30 euro, gelijk aan de maximumprijs van een treinreis in Nederland. Het bedrag is wel terug te vragen via MijnNS of de klantenservice, mits je kunt aantonen waar je daadwerkelijk bent uitgestapt.
Dal Voordeel 60+ wordt duurder
Het Dal Voordeel-abonnement voor 60-plussers, inclusief 7 keuzedagen, gaat van 8,41 euro naar 9,26 euro per maand. Een stijging van ruim 10 procent, dus iets boven het gemiddelde. Voor de doelgroep blijft het een van de meest renderende abonnementen: meestal verdien je de maandprijs al terug met één retourrit.
⚠ Let op: Reiskostenvergoeding niet automatisch geactualiseerd
Werkgevers mogen werkelijke OV-kosten volledig onbelast vergoeden, maar zijn dat niet wettelijk verplicht. Bij een vaste OV-vergoeding op basis van het werkelijke trajectabonnement beweegt de vergoeding meestal automatisch mee. Bij een vast bedrag per maand of een gemaximeerd budget is dat niet vanzelfsprekend. Stuur HR een korte mail om te bevestigen dat de regeling in 2026 is geactualiseerd, anders eet de tariefstijging direct uit jouw nettoloon.
De nieuwe break-even tussen trein en auto in 2026
Het interessante van 2026 is dat twee bewegingen tegelijk plaatsvinden. De OV-tarieven stijgen met 6,52 procent, terwijl de onbelaste kilometervergoeding voor de auto omhoog gaat van 0,23 naar 0,25 euro per kilometer. De combinatie verschuift de break-even tussen trein en auto. Voor traditioneel kortere woon-werkafstanden tot circa 25 kilometer enkele reis blijft het OV in de meeste situaties voordeliger, vooral als je een Dal Voordeel-abonnement hebt en buiten de spits kunt reizen. Maar voor langere afstanden kantelt het beeld.
Een rekenvoorbeeld: 40 km enkele reis
Stel: je woont in Amersfoort en werkt in Amsterdam-Zuid, ongeveer 40 km enkele reis, vier dagen per week op kantoor. Met een traject Vrij abonnement betaal je circa 380 euro per maand, structureel. In 2026 zit daar de prijsverhoging van 6,52 procent in, dus reken op circa 405 euro per maand, oftewel 4.860 euro per jaar. Met de auto: 40 km × 2 × 4 dagen × 47 weken = 15.040 km per jaar. Bij een variabele kostprijs van 0,18 euro per km (brandstof, onderhoud, banden, een deel afschrijving) kom je uit op 2.707 euro per jaar. Met een onbelaste vergoeding van 0,25 euro per km krijg je daar maximaal 3.760 euro voor terug, mits je werkgever meegaat.
Op papier wint de auto royaal. In de praktijk zijn er echter twee grote nuances. De eerste is parkeren in een stedelijk gebied: 200 tot 400 euro per maand op kantoor is geen uitzondering, en daarmee verdwijnt het hele financiële voordeel. De tweede is reistijd en stress: een uur in de file is geen leestijd in de trein. Wie zelfstandig kan werken en in de trein productief is, "verdient" tijdens de reis 30 tot 60 euro per uur in equivalent productieve tijd. Voor pure rekenkundige break-even ligt het omslagpunt voor een gemiddelde forens zonder gratis parkeren ergens tussen 25 en 35 kilometer enkele reis.
Wanneer wint OV bijna altijd
- Spitsritten naar binnenstedelijke locaties waar parkeren duur of onmogelijk is, zoals Amsterdam-Zuidas, Utrecht Centraal of Den Haag CS.
- Korte afstanden onder 20 km enkele reis, vooral wanneer je rechtstreeks naast een station woont en werkt.
- Wanneer je flexibel kunt reizen buiten de spits en gebruik kunt maken van Dal Voordeel of PrijsTijd Deals.
- Wanneer je in de trein productief kunt zijn of de tijd echt waardeert om te ontspannen, lezen of voor te bereiden.
- Voor stelletjes en eenpersoonshuishoudens zonder tweede auto, waarbij de vaste lasten van een tweede voertuig niet rechtvaardigen kunnen worden.
Wanneer wint de auto in 2026
- Lange afstanden vanaf 35 km enkele reis met gratis of goedkoop parkeren bij de werkgever.
- Slecht ontsloten bestemmingen waar je vanaf het station nog 20 minuten met bus of fiets verder moet.
- Wisselende of late werktijden waarbij je de spits voor of nabewerkt en weinig wordt geremd door files.
- Carpoolen met collega's: bij twee inzittenden halveren de kosten per persoon en ben je vrijwel altijd goedkoper uit dan met OV.
- Wanneer je toch al een auto hebt voor andere doeleinden en alleen de variabele kosten meeweegt.
💡 Reken het door voor jouw situatie
Algemene break-even-cijfers helpen, maar de echte beslissing hangt af van jouw afstand, parkeerkosten, het type auto en je werkpatroon. De Reiskostencheck-calculator vergelijkt OV, auto, e-bike, lease en scooter naast elkaar met de actuele tarieven van 2026, inclusief de NS-prijsverhoging en de verhoogde onbelaste vergoeding. Vul je gegevens in en zie binnen 30 seconden welke optie voor jou structureel het voordeligst is.
Slimme strategieën om de prijsstijging te dempen
Niet iedereen kan zomaar overstappen op de auto, en voor velen is dat ook niet wenselijk. Gelukkig zijn er binnen het OV-aanbod nog steeds aanzienlijke besparingen te vinden, mits je actief aan de bak gaat. Hieronder de zes strategieën die het meeste opleveren in 2026.
1. PrijsTijd Deals voor incidentele reizigers
Wie niet dagelijks reist maar bijvoorbeeld twee tot drie keer per week of een paar keer per maand, doet er verstandig aan PrijsTijd Deals te onderzoeken. Hoe eerder je boekt en hoe rustiger de trein, hoe groter de korting, oplopend tot 60 procent. Voor een ritje Utrecht-Amsterdam kun je in plaats van 9,90 euro betalen voor zo'n 4 tot 6 euro. Sinds najaar 2025 krijgen jongeren een extra 20 procent korting bovenop de PrijsTijd Deal, waardoor reizen op rustige momenten echt heel goedkoop wordt.
2. Stap over op Dal Voordeel als je flexibel bent
Voor 6,35 euro per maand krijg je 40 procent korting in de daluren en het hele weekend. De maandprijs verdien je vaak al met één retourrit terug. Voor wie hybride werkt en bijvoorbeeld dinsdag en donderdag op kantoor moet zijn, maar 's ochtends om half tien kan beginnen of vier dagen per week thuis werkt, is dit veruit het slimste basisabonnement. NS adviseert reizigers persoonlijk over een passend alternatief als hun huidige abonnement verdwijnt.
3. Combineer OV met fiets of e-bike
De OV-fiets is in 2026 nog steeds een van de meest onderschatte oplossingen. Voor 4,80 euro per dag heb je een betrouwbare fiets om de "last mile" naar kantoor af te leggen. Daarmee voorkom je dure last-mile vervoersopties en kun je vaak een goedkoper trajectabonnement nemen omdat je niet helemaal naar het dichtstbijzijnde NS-station hoeft. Een eigen vouwfiets in de trein meenemen kan ook, al moet je dan wel rekening houden met spitstijden.
4. Trek de OV-vergoeding bij je werkgever recht
Werkgevers mogen werkelijke OV-kosten volledig onbelast vergoeden. Voor een trajectabonnement betekent dat dat de vergoeding gelijk moet zijn aan de werkelijke kosten van het abonnement. Als je werkgever een gemaximeerd budget hanteert, is een gesprek over actualisering van die maximalisatie alleszins gerechtvaardigd: als de tarieven met 6,52 procent stijgen, mag het budget redelijkerwijs meebewegen. Stuur HR een korte e-mail met je nieuwe maandprijs en het verzoek om aanpassing.
5. Combineer thuiswerk- en reiskostenvergoeding optimaal
Op één werkdag mag je geen onbelaste reiskostenvergoeding én onbelaste thuiswerkvergoeding tegelijk ontvangen, maar je mag deze wel binnen één maand mixen. Voor een hybride forens met twee dagen kantoor en drie dagen thuis kan dat oplopen tot enkele honderden euro's extra per jaar. Bekijk onze pagina over de thuiswerkvergoeding 2026 voor de exacte rekenregels.
6. Overweeg carpooling voor de langere afstand
Met twee inzittenden halveren de kosten per persoon en wordt de auto in vrijwel alle scenario's goedkoper dan OV. Sterker nog: de bestuurder kan in de meeste gevallen de volledige onbelaste vergoeding van 0,25 euro per km opstrijken, terwijl de medepassagier eventueel een eigen bijdrage betaalt aan benzine. Per week kan dat een verschil van 30 tot 50 euro maken voor langere afstanden. Voor langeafstandsforensen op vaste trajecten zijn er sinds 2025 ook online carpoolplatforms die collega's matchen.
Wat als je werkgever niet meebeweegt?
De meest gestelde vraag rond de tariefstijging: wat als mijn werkgever de OV-vergoeding niet aanpast? Juridisch ligt het lastig, want werkgevers zijn niet verplicht om reiskosten te vergoeden, laat staan om die jaarlijks te indexeren. Wat ze wel zijn, is gebonden aan hun eigen arbeidsvoorwaarden. Als in je arbeidscontract of personeelshandboek staat dat "de werkelijke OV-kosten worden vergoed", dan moet je werkgever de tariefstijging volgen. Staat er een vast maximumbedrag in, dan ligt het ingewikkelder.
Drie praktische tips. Ten eerste: kijk naar je cao. Veel cao's bevatten clausules over reiskostenvergoeding die periodiek worden geactualiseerd. Ten tweede: vraag schriftelijk om bevestiging dat de regeling voor 2026 is herzien, en bewaar die correspondentie. Ten derde: als de werkgever niet meebeweegt, kun je in de loonaangifte 2026 een verzoek doen tot aftrek van het verschil als reisaftrek, mits je voldoet aan de voorwaarden van de Belastingdienst (vast woon-werktraject, minimumaantal reisdagen). De fiscale reisaftrek voor OV is in 2026 maximaal 2.649 euro per jaar, een aanzienlijk bedrag dat de pijn deels kan verzachten.
🔄 Vervangende abonnementen voor wie Weekend/Altijd Voordeel verliest
Heb je nu Weekend Voordeel of Altijd Voordeel? Reken niet automatisch op het standaardadvies van NS, maar vergelijk drie scenario's: (1) Dal Voordeel voor 6,35 euro per maand met 40 procent korting in daluren en weekend; (2) Dal Vrij voor 127,95 euro per maand met onbeperkt reizen in daluren en weekend; (3) PrijsTijd Deals zonder vast abonnement, geschikt als je minder dan 4 keer per maand reist. Welke optie het beste uitpakt hangt af van je werkelijke reisfrequentie. Maak een spreadsheet met de afgelopen drie maanden om de juiste keuze te maken.
Vergelijking met andere OV-aanbieders
Hoewel NS de bekendste vervoerder is, zijn er in Nederland tientallen regionale OV-aanbieders zoals Arriva, Connexxion, Qbuzz, EBS en HTM. Deze bedrijven hanteren elk hun eigen tariefsystematiek, vaak gekoppeld aan landelijke OV-tariefafspraken. In de praktijk volgen de meeste regionale vervoerders de NS-stijging vrij dicht. Voor 2026 ligt de gemiddelde stijging in het regionale OV tussen de 5 en 8 procent, afhankelijk van de provincie en het concessiegebied.
Een opvallende uitzondering vormt Amsterdam, waar de GVB-tarieven beperkter stijgen door subsidies vanuit de Vervoerregio Amsterdam. In Rotterdam en Den Haag is het beeld gemengd: de RET en HTM volgen de inflatie nauwer. Voor wie buiten de Randstad reist met regionale bussen, treinen of trams, is het de moeite waard om bij de eigen vervoerder na te gaan welke abonnementsvormen er zijn. Veel regionale aanbieders bieden combinatieabonnementen met NS, waardoor je een aaneengesloten reis goedkoper kunt afleggen dan met losse kaartjes.
OV-jaarkaart of zakelijk abonnement?
De NS Flex Altijd Vrij-abonnementen bieden onbeperkt reizen door heel Nederland. Voor 2026 betaal je daarvoor 399,95 euro per maand voor tweede klas en 679,90 euro per maand voor eerste klas. Klinkt fors, maar wie meer dan vier dagen per week intensief door Nederland reist, verdient dat snel terug. Voor zakelijke gebruikers zijn er bovendien NS Business-abonnementen waarmee werkgevers volume- of bedrijfskortingen kunnen krijgen. Vraag bij HR of er zo'n collectieve regeling is.
De bredere context: OV in de Nederlandse mobiliteitsmix
De prijsstijging van 6,52 procent komt in een politiek-maatschappelijk speelveld waarin meerdere krachten op elkaar inwerken. Aan de ene kant wil de overheid duurzamer reizen stimuleren, met klimaatdoelen die volledig stranden zonder een aantrekkelijk OV. Aan de andere kant kiest het kabinet ervoor om de financiële verantwoordelijkheid voor stijgende OV-kosten neer te leggen bij de reiziger zelf. Reizigersvereniging Rover noemt dat openlijk teleurstellend en spreekt van "politiek jojo-beleid" dat ten koste gaat van het lange-termijnvertrouwen in de trein als alternatief.
Tegelijk wordt het wegverkeer fiscaal juist gunstiger. De onbelaste kilometervergoeding voor de auto stijgt van 0,23 naar 0,25 euro per kilometer met terugwerkende kracht over 2026, expliciet als koopkrachtmaatregel tegen de hoge brandstofprijzen. Het kabinet roept werkgevers daarbij op de verhoging actief door te voeren. Het signaal is verwarrend: wie kiest voor OV (juist het duurzame alternatief) krijgt een prijsstijging op zijn bord, terwijl wie kiest voor de auto fiscaal wordt ondersteund. Dit is een spanningsveld dat de komende jaren zichtbaar zal blijven in beleidsdiscussies.
Werkgevers in de spagaat
Werkgevers zitten in een vergelijkbare klem. Volgens onderzoek van werkgeversvereniging AWVN onder bijna vierhonderd grote bedrijven, vinden zij dat de gevolgen van de hoge brandstof- en OV-prijzen door alle delen van de samenleving moeten worden gedragen. Zij zien geen taak om werknemers automatisch te compenseren, met uitzondering van zakelijke ritten. Tegelijk weten werkgevers ook: wie geen reiskostenvergoeding biedt, is in de huidige arbeidsmarkt minder concurrerend. Voor werknemers betekent dat: actief het gesprek aangaan over de actualisering van regelingen.
De cijfers in historisch perspectief
Om de stijging van 6,52 procent in 2026 te begrijpen, helpt het om naar de afgelopen vijf jaar te kijken. De prijs van een gemiddeld treinkaartje is sinds 2020 met meer dan 25 procent gestegen, fors boven de cumulatieve inflatie. In 2024 bleven de prijzen gelijk dankzij een eenmalige rijksbijdrage van 120 miljoen euro. In 2025 stegen ze met 6,18 procent, nadat de oorspronkelijke verhoging van 12 procent werd uitgesmeerd over ministerie, NS en reiziger. Voor 2026 valt dat smeermechanisme grotendeels weg, omdat het kabinet geen nieuw budget vrijmaakt.
Voor de jaren 2027 tot en met 2030 is de verwachting dat de tarieven jaarlijks stijgen met de actuele inflatie plus circa 1 procent voor het inhalen van achterstallige inflatie. Wie nu een meerjarig forensbudget plant, doet er dus verstandig aan met een jaarlijkse stijging van 3 tot 5 procent rekening te houden, afhankelijk van de inflatieontwikkeling. In reële termen is dat ongeveer 1 tot 2 procent boven de inflatie.
Drie veelvoorkomende misverstanden
"De NS bepaalt de prijzen zelf"
Onjuist. Voor reguliere treinkaartjes is de prijsverhoging strak geregeld in de concessieafspraken met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Alleen voor een deel van de abonnementen mag NS zelf de prijs bepalen. Het gaat dus niet om commerciële willekeur, maar om een afgesproken systematiek waarbinnen tarieven mogen meebewegen met inflatie en kostenontwikkeling. De ruimte voor extra inhalen van achterstallige inflatie is expliciet onderdeel van die afspraken.
"OV is nu altijd duurder dan de auto"
Ook onjuist. Voor de meeste forensen tot 25 km enkele reis blijft OV financieel competitief, vooral met een Dal Voordeel-abonnement of PrijsTijd Deals. Pas vanaf 30 tot 35 kilometer enkele reis, gecombineerd met goedkoop of gratis parkeren, wint de auto op rekenkundige basis. En zelfs dan moet je tijd, stress en duurzaamheid meewegen. Het is geen kwestie van zwart-wit, maar van persoonlijke optimalisatie.
"Mijn werkgever past de OV-vergoeding automatisch aan"
Niet vanzelfsprekend. Bij een vaste OV-vergoeding gekoppeld aan het werkelijke trajectabonnement: ja. Bij een vast bedrag per maand of een gemaximeerd budget: nee, daar moet je zelf om vragen. Het is verstandig om ieder jaar in januari na te gaan of je vergoeding meegegroeid is met de werkelijke kosten. Een korte mail aan HR met de nieuwe maandprijs van je abonnement plus een verzoek om actualisering werkt vaak beter dan wachten op proactief HR-beleid.
Wat we kunnen verwachten in 2027 en daarna
De inhaalslag van 3,5 procent achterstallige inflatie wordt over vier jaar uitgesmeerd, dus ook in 2027, 2028 en 2029 zit er nog een extra component in de prijsverhoging bovenop de reguliere inflatieaanpassing. Schat de jaarlijkse stijging dus voor de komende jaren rond de 3 tot 5 procent. Daar bovenop zijn er nog twee onzekere factoren. De eerste is een mogelijk politiek besluit om OV te verduurzamen via subsidies, wat de prijsstijging zou kunnen dempen. Dat lijkt op de korte termijn, met de huidige politieke samenstelling, niet erg waarschijnlijk.
De tweede factor is technologische verandering. NS investeert de komende jaren in nieuwe dubbeldekkertreinen en IC Nieuwe Generatie-treinen, wat de capaciteit per rit moet verhogen en op termijn kosten per reiziger kan verlagen. Daarnaast experimenteert het bedrijf met dynamic pricing en uitgebreide vroegboekkortingen, wat voor flexibele reizigers kansen biedt. De PrijsTijd Deal is daar een eerste voorbeeld van, en de kortingen lopen op tot 60 procent, in 2025 al goed voor meer dan een miljoen verkochte tickets.
Conclusie: actief plannen loont
De OV-tariefstijging van 6,52 procent in 2026 is geen ramp, maar wel een aanleiding om je vervoerskeuze opnieuw te bekijken. Voor de meeste forensen blijft de trein een prima optie, mits je actief shopt voor het juiste abonnement, gebruikmaakt van Dal Voordeel of PrijsTijd Deals, en bij je werkgever aandringt op tijdige actualisering van de OV-vergoeding. Voor langeafstandsforensen kantelt het beeld voorzichtig richting de auto, vooral nu de onbelaste kilometervergoeding stijgt naar 0,25 euro per km en parkeren bij de werkgever gratis is.
De strategische les van 2026 is: passief blijven zitten kost geld. Wie automatische incassi laat doorlopen op een Trajectvrij-abonnement zonder te checken of dat nog optimaal is, loopt makkelijk 200 tot 500 euro per jaar mis. Wie ieder jaar bewust kiest, en regelmatig vergelijkt met alternatieven zoals carpoolen, e-bike of hybride werken, optimaliseert het meest in zijn voordeel. De Reiskostencheck-tool helpt je daarbij door alle vervoersopties en tarieven van 2026 in één overzicht naast elkaar te zetten.